Samenloop pensioen en WW-uitkering

Een werknemer die niet wil dat het ouderdomspensioen wordt verrekend met een WW-uitkering kan zijn of haar pensioendatum uitstellen. Hoewel veelal wordt aangenomen dat het uitstellen van de pensioendatum door het UWV wordt gezien als een benadelingshandeling (artikel 24 lid 5 WW), geeft het UWV in de praktijk aan dat dit niet het geval is.
Het UWV stelt dat het een vrije keuze van de werknemer is om pensioen al dan niet uit te stellen. Daar heeft het UWV geen zeggenschap over. Het uitstellen van nog niet ingegaan pensioen wordt dus niet als zodanig aangemerkt.
Hierbij dient wel goed gekeken te worden naar het type pensioen waar uitstel voor wordt aangevraagd. Een pensioenregeling met als pensioendatum een datum vóór de AOW-gerechtigde leeftijd, zijnde géén pré-pensioen, kan worden uitgesteld. Vanuit de Wet Uitfasering Pensioen in Eigen Beheer kan het ouderdomspensioen worden uitgesteld zonder dat er hoeft te worden doorgewerkt. Het doorwerkvereiste is vervallen. Zowel de beoordeling vanuit het UWV dat er geen sprake is van een vermeende benadelingshandeling alsmede het vervallen van het doorwerkvereiste maken uitstel van pensioen mogelijk.

Let op: het doorwerkvereiste is voor het pré-pensioen niet vervallen, waardoor uitstel van pré-pensioen fiscaal niet mogelijk is. Kom je als werknemer in de WW terecht, dan geldt dit uiteraard niet als doorwerken, ook al blijft de werknemer beschikbaar voor de arbeidsmarkt en is het ontslag niet aan de werknemer te wijten. Van uitstel kan hier om fiscale redenen dus geen sprake zijn.

Voor reeds ingegaan pensioen ligt de samenloop van de WW-uitkering en de pensioenuitkering anders. Inkomsten uit (pre)pensioen, deeltijdpensioen, flexpensioen of een ouderdomspensioen worden volledig verrekenend met de WW-uitkering. Hierop zijn dan wel weer uitzonderingen van toepassing.

Deeltijdpensioen
Als iemand een deeltijdpensioen ontvangt vanuit dezelfde dienstbetrekking als waaruit de werkloosheid is ontstaan, dan wordt dit ouderdomspensioen niet in mindering gebracht op de WW-uitkering, aldus lid 5 van artikel 3:5 AIB.
Bestaand ouderdomspensioen uit andere dienstbetrekking
Als een werknemer een ouderdomspensioen ontvangt uit een andere (gelijktijdige) dienstbetrekking, dan waaruit de werknemer werkloos is geworden, wordt dit ouderdomspensioen niet verrekend met de WW-uitkering, aldus lid 7 van artikel 3:5 AIB.
Ouderdomspensioen gevolgd door latere WW-uitkering
Als een ouderdomspensioen al werd ontvangen voorafgaand aan de dienstbetrekking van waaruit de werknemer werkloos wordt, dan wordt dit ouderdomspensioen niet verrekend met de WW-uitkering. Van belang in deze uitzondering is dat het ouderdomspensioen zelf geen aanleiding is geweest om als werknemer uit het arbeidsproces te stappen.
Reeds in aanmerking genomen ouderdomspensioen
Als een ouderdomspensioen al op de WW-uitkering in mindering is gebracht (dus reeds in aanmerking is genomen), dan mag dit niet nogmaals worden verrekend met een ‘volgende’ WW-uitkering. Voorwaarde is wel dat het nieuwe dienstverband ten minste 26 weken heeft geduurd. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vond het onredelijk om ouderdomspensioen te verrekenen met meerdere (volgtijdelijke) WW-uitkeringen. Ook bij deze uitzondering is het van belang dat het ouderdomspensioen zelf geen aanleiding is geweest om als werknemer uit het arbeidsproces te stappen.


Wil je meer weten over jouw individuele situatie? Neem dan contact op.


drs. Edwin Langhorst
Pensioen- & Inkomensadviseur

Deel deze blog